Hallo ja,

ik schrijf deze blog.

Spreekwoorden die geen steek houden en waarom

Als je maar iets vaak genoeg hardop zegt, heeft het geen betekenis meer. Dat weet iedereen die ooit wiet heeft gerookt. Dat wisten de uitvinders van spreekwoorden ook. We blijven hun (waarschijnlijk onder invloed van drugs bedachte) spreuken maar herhalen en hebben ondertussen niet door dat ze geen steek houden.

Leonid_Pasternak_-_The_Passion_of_creation

Dat zijn aambeien met slagroom … Verdomme waarom ben ik zo geniaal?”

Hoog tijd dus voor een helder hoofd en een kritische noot bij veel te vaak gebruikte spreekwoorden:

Al draagt de aap een gouden ring, het is en blijft een lelijk ding. Een aap is niet lelijk. Jij bent lelijk.

Eerlijk duurt het langst. Lang duren? Geeuw.

Als puntje bij paaltje komt. Welk puntje en welk paaltje? Heeft het te maken met landgoed? … Is het seksueel?

Beter één vogel in je hand dan tien in de lucht. Wie heeft er wat aan één vogel? Wat kan je daar mee doen? En zelfs al héb je er eentje gevangen, wat maakt het uit als je er eigenlijk tien wou? Typisch Belgisch om genoegen te nemen met minder.

Wie laatst lacht, best lacht. Ten eerste is de zinsbouw van dit spreekwoord van de pot gerukt (een spreekwoord dat ik tot aan mijn dood zal verdedigen). Het moet zijn: wie het laatste lacht, lacht het beste. Feit. Maar dat maakt zelfs niet uit want ten tweede is diegene die het laatst lacht, ook diegene die de mop niet doorhad. Die lacht dus niet het best maar het belachelijkst.

Belofte maakt schuld. Mensen die rekenen op gesproken woorden van andere mensen zijn ofwel naïef, ofwel masochistisch. In ieder geval: veel geluk!

Beter laat dan nooit. Als je leven er van afhangt, is laat even slecht als nooit want je bent hoe dan ook dood.

Ieder huisje heeft zijn kruisje. Is een kruisje nu goed of slecht in een katholiek land? … Is het seksueel?

Dat muisje krijgt nog een staartje. Alle muizen hebben al een staartje. Ik vind trouwens dat spreekwoorden te veel verkleinwoorden gebruiken.

Spreken is zilver, zwijgen is goud. Wat is er mis met zilver? Of met spreken? Wie is ooit rijk geworden van zwijgen? Of arm van spreken?

Hoogmoed komt voor de val. In het land van de spreekwoorden mag je niet zelfzeker zijn. Want dan val je. Nieuwsflits: iedereen valt – ook bescheiden idioten.

Na regen komt zonneschijn. Na regen komt vaak meer regen, of zelfs hagel. Op zijn minst een grijze hemel zonder zonneschijn, schat ik, in 60% van alle keren dat het ooit regent (ik ben geen meteoroloog).

Denk nou toch eens even na, mensen!

Waarom ziet Patrick Stewart er na twintig jaar nog steeds hetzelfde uit?
Waarom ziet Patrick Stewart er na twintig jaar nog steeds hetzelfde uit?

Wat ik me zoal afvraag (10)

Hier opnieuw een reeks onderwerpen waar ik – bij gebrek aan een toffe hobby – intensief mee bezig ben. Op sommige van deze vragen ken ik het antwoord, maar neem ik er geen genoegen mee.

Waarom ziet Patrick Stewart er na twintig jaar nog steeds hetzelfde uit?

Waarom is ‘Star Trek’ eigenlijk een cultreeks?

Waarom is ‘Showgirls’ een cultfilm?

Waarom zeggen we “kwartier” en niet “kwartuur”? Wat is een “ier”?

Waarom zeggen sommige mensen “bowlingen” en niet “bowlen”?

Waarom draaien bepaalde radiozenders harde fuifmuziek na 23u op een vrijdag- of zaterdagavond? Denken die dat jongeren hun radio aanzetten thuis en dan dansen en feesten?

Ben ik de enige die als kind dacht dat ‘Madammen met nen Bontjas’ van Urbanus tegen snobbige mevrouwen was? Terwijl dat tegen dierenleed blijkt te zijn?

Waarom is een decolleté van kleine borsten stijlvol en eentje van grote borsten vulgair?

Waarom geven ze bij junkfood geen vochtige doekjes om achteraf je handen te poetsen?

Wat is er opeens mis met gluten? (tenzij je glutenintolerantie hebt)

Waarom duurt het nu een halve dag als ik een digitaal paswoord wil veranderen?

En waarom hebben ze daar mijn gsm-nummer, een e-mailadres en mijn bloedgroep voor nodig?

Als personages in films agressief teelballen vastgrijpen met een “hmmmpf!”, om iets gedaan te krijgen van het slachtoffer, waarom doen ze dan ook “hmmmpf” als ze ze weer loslaten? Hoezo is dat een inspanning? Je laat toch gewoon los? (let er gewoon eens op)

Zijn homofobe mannen bang van homo’s omdat ze denken dat die hen hetzelfde zullen behandelen als zij vrouwen?

Hoe moeilijk is het om zonder dt-fouten te schrijven?

Waarom bestaat het gerecht ‘kapsalon’ niet buiten Antwerpen?

Waarom doet iedereen altijd alsof zure haring degoutant is? Terwijl dat supergoed verkoopt? Wie eet al die zure haring?

Waarom staan zovele mensen al recht, wanneer de tram of bus nog bijlange niet gestopt is?

Waarom miauwen poezen aan een gesloten deur, om je dan dommig aan te kijken en te blijven zitten als je de deur opent?

Waarom krijg ik meer likes op een stomme selfie dan op een blogpost waar ik écht moeite voor moest doen?

Waarom blijven bepaalde landen hun films maar dubben met hun eigen taal? Hoezo is dat nog maar legaal?

Hoe zou het nog zijn met die wereldwijde ‘ebola-epidemie’?

Dat was voorlopig weer alles.

Ingeruild voor hun waardigheid.
Ingeruild voor hun waardigheid.

Populaire liedjes, samengevat voor idioten en kinderen

Fonetisch meezingen met Engelstalige nummers kan zware gevolgen hebben. Zo maak je je als volwassene belachelijk als je met een zelfgemaakt woord door de mand valt tijdens een spontaan zangmoment. Wat is die muzikaal zeg, denken mensen dan, maar erg snugger nu niet. Ik zou zelfs bijna dom zeggen. Ikzelf verlies onmiddelijk respect voor iemand die doelloos meebrabbelt. Ik stel geen zware eisen aan mijn omgeving maar ze moeten tenminste een beetje research gedaan hebben alvorens het in mijn buurt op een potje idioot zingen te slaan. Heb wat zelfcontrole, in godsnaam.

Kinderen die fout meezingen zijn bijna even irritant, maar hebben vanwege hun niet-Engelse talenkunde nog een vrijkaart.

Ingeruild voor hun waardigheid.

Ingeruild voor hun waardigheid.

Misschien maar goed ook. Want de meeste liedjes gaan zoals iedereen weet over seks, liefde en drugs. De kinderen hebben het niet geweten, en komen er pas later achter waarover hun favoriete nummers écht gaan. Voor hen, en bovenvermelde idioten, een korte samenvatting van enkele bekende nummers:

Bill Withers – ‘Use me’: Bill Withers’ lief is niet zo tof, maar hij vindt seks met haar leuk dus da’s dan okee.

Michael Jackson – ‘Beat it’: Michael Jackson ontdekte een double entendre!

Michael Jackson – ‘Bad’: Mickael Jackson moest zelf zeggen hoe slecht hij wel niet is (“really really bad” klinkt het op de achtergrond) anders geloofde niemand hem.

Alanis Morissette – ‘Ironic’: Alanis Morissette weet niet wat het verschil is tussen pech en ironie (zoals al eerder aangeklaagd).

Raymond van het Groenewoud – ‘Twee Meisjes’: Raymond schrijft een mooi en diepzinnig lied over hoe hij een vieze gluurder is.

Lauryn Hill: ‘Doo Wop (That Thing)’: “That thing” = seks.

Shania Twain – ‘That don’t impress me much’: Shania gaat alleen en eenzaam oud worden.

Ricky Martin – ‘Livin’ la Vida Loca’: Ricky vertelt over een bloedhete maar geschifte griet die hem steeds ontglipt (alsof hem dat iets uitmaakte).

Weather Girls – ‘It’s raining men’: die Weather Girls zijn hetero en botergeil. We verheugen ons mee.

Britney Spears – ‘… One more time’: “hit me” wil blijkbaar iets goeds zeggen.

Spice Girls – ‘Wannabe’: seks met iedereen die met onze vrienden overeenkomt, is iets heel moois en langdurig.

Shaggy – ‘Mr. Boombastic’: Shaggy zegt van zichzelf dat ie goed is in bed.

TLC – ‘Waterfalls’: het leven op straat is verschrikkelijk en deze boodschap verpakken we in een prachtig klinkende song.

Red Hot Chili Peppers – ‘Under the Bridge’: heroïne nemen is slecht en gebeurt al eens onder een brug.

Nina Simone – ‘See-Line Woman: de vrouw in kwestie is een prostituée. Een verdomd goeie prostituée.

Ricky James – ‘Superfreak’: Rick is blij want hij vond eindelijk een griet die wierrook en kaarsen brandt in haar kamer en ook wijn drinkt. En dat is sexy.

MC Hammer – ‘U can’t touch this’: MC Hammer zegt van zichzelf dat ie geweldig is (en gaat daarna failliet).

Nirvana: ‘Smells like Teen Spirit’: Kurt Cobain wist het zelf niet, laat staan dat we er nu nog achterkomen. Waarschijnlijk drugs.

Ini Kamoze – ‘Here Comes the Hotstepper’: een misdadiger is op de vlucht voor de politie.

Harry Chapin – ‘Cats in the Cradle’: een vader is er niet voor zijn zoon en daarna omgekeerd. (waarschuwing: bij het écht beluisteren van deze tekst verlies je een stuk van je ziel)

Ziezo, alweer een hoop mooie herinneringen bevuild. Volgende keer meer!

De radio: efficiënter dan therapie sinds 1919!
De radio: efficiënter dan therapie sinds 1919!

De champieter kwiet op de radio

Zijn moeder dweepte altijd: de champieter kwiet heeft heel wat te vertellen en een zoetgevooisde stem op de koop toe. Bij radiozenders zoeken dit soort mensen. Luisteraars willen immers niet enkel plaatjes horen maar ook het mondaine geleuter van de doordeweekse joviale goedzak. Bij alle zenders, lijkt het wel. Want in de auto komt hij – ondanks je wanhopig gezap – dag en nacht naast je terecht, om je te vertellen wat er nu allemaal zo plezant is in de wereld. Daarbij schuwt hij de overtuigende woorden “fantastisch” en “veel” en “lol” helaas niet.

De radio: efficiënter dan therapie sinds 1919!

De radio, efficiënter dan therapie sinds 1919.

Superlatieven genoeg op de radio. Mentale uitroeptekens bonken in je oren want alles is “leuk!”. “Echt echt echt!” leuk. Echt! En als iets niet leuk dreigt te zijn, wordt het even ernstig in de studio: “Oei ja daar in de Gaza, dat is toch niet zo heel fijn.” Maar daarvoor dienen nieuwslezers in feite, die ook na hun droge afrateling even een lollig praatje blijven slaan met de eeuwig gevatte presentator. Of beter, zich een praatje laten slaan want meer dan een “absoluut” komt er toch niet uit, boven het gekakel en de originele vragen van de champieter kwiet. “Absoluut”. Dat woordje leren ze elke startende radiopersoon aan, omdat het langer en dus beter is dan “ja”. Tenzij “goh, ja“. Dat mag weer wel want het klinkt bedachtzaam.

Als ze niet meer weten wat zeggen, kunnen ze nog steeds terecht bij “euhm”. Maar niet zomaar “euhm”. Het is schattig euhmen, met de kopstem gezongen in crescendo. Probeer het eens en voel het pluizen in je hart. Naast deze snoezige stijl mogen ze ook graag hun patroonheilige Bart Peeters en diens stijlvolle stotter imiteren. Elk woordje ploft en remt en wer-ke-lijk el-ke let-ter-greep krijgt een na-druk en sym-pa-thiek dat dat is! Nu nog een “fan-tas-tische plaat” en we zitten helemaal tjok-vol wol.

Afgebeeld: de beste presentator van Vlaanderen.

Afgebeeld: de beste presentator van Vlaanderen.

Dat treft, want je kan bellen en verzoeknummers aanvragen! Spotify en YouTube en iTunes bestaan niet in de wereld van de radio. Verzoeknummers zijn bijzonder! En jij ook, want de presentator kent je naam meteen vanbuiten: “En ERIK, wat doe jij zoal ERIK?”. Als er iets te winnen valt, zijn dat steevast dvd-pakketten en cd’s. Dvd’s en cd’s zijn bijzonder! Hoe kan je anders naar je favoriete film kijken of je favoriete nummer beluisteren?

We werken eraan.

We werken eraan.

Dat laatste gaat dus op de radio –  als je veel geduld hebt en het stompzinnige gekwek van de presentator er bovenop wenst. Hij vertelt je roddels en nieuwtjes “van op Twitter” zodat je “helemaal mee” bent en praat gezellig over alle intro’s – of outtro’s – heen. Dat geeft zijn woorden kracht. Om maar te zwijgen over zijn lachje na een alweer volgens zichzelf geslaagde mop. Volgens mij oefenen ze dagelijks op hun sympathieke lachjes. “Haha!” – kippenvel. Ook met de eerste gitaarakkoorden van ‘Smells Like Teen Spirit’ op de achtergrond, een “klassieker”. “Ik was eeuwig en altijd fan van Nirvana”. Gisteren was hij nog eeuwig en altijd fan van Milk Inc. Wie is het nu, verduiveld?

Iedereen, da’s wie. Iedereen maakt steengoeie muziek. Ook de Black Eyed Peas.

Ze lijken wel van de toekomst.

Die lijken wel van de toekomst.

De champieter kwiet op de radio weet alles en vindt datzelfde alles toevallig ook goed. Of beter, prima. Nee hoor: geweldig! Intussen rol ik zo hard met m’n ogen dat ik een gevaar ben op de weg. Moet ik dan werkelijk het gevang in omdat een radiopresentator voor de zoveelste keer “gigantisch veel” zegt?

Havermout. Voor. Iedereen!
Havermout. Voor. Iedereen!

4 ‘superfoods’ die niemand zou mogen lusten

Er bestaat een type mens. Een bepaald type mens, je kent er vast een. Soms hoor je ze van ver wauwelen. Soms van te dichtbij: op familiefeesten, in vriendenkringen, tijdens de kantooruren. Deze types wauwelen graag ongevraagd over iets waar ze zelfverklaarde experts in zijn: de menselijke gezondheid. Niet gehinderd door het ontbreken van een diploma in – zeg maar – geneeskunde, weten zij wat volgens nieuwste studies in Het Laatste Nieuws nu werkelijk kanker veroorzaakt, of toch waarschijnlijk. Waag het niet op een frietje te knabbelen want zout is de duivel en je zal het geweten hebben. Of was het nu suiker? Het verandert elk jaar – anders zullen we ineens maar alle smaken verbannen?

Havermout. Voor. Iedereen!

Havermout. Voor. Iedereen!

Er zijn ook etenswaren die zij met volle passie aanraden en liefst nog met een trechter je maag in zouden rammen. Die spijzen veroorzaken het tegenovergestelde van kanker, namelijk kapsones. Ik bedoel een gezond leven. Zij kunnen het weten: het zijn dokters in het diepst van hun zelfingenomenheid, alleen efficiënter: geen zeven jaar nutteloos studeren voor hen! Zij lazen een boek! Van een goeroe! En op vijf uur tijd waren ze gekwalificeerd om jou te helpen. Zodat je lang en saai kan leven.

Als je denkt er eentje te herkennen, blijf dan rustig en praat vooral niet over eten. Deze ‘experts’ ratelen bij de minste aanleiding hele lijstjes af van negatieve en positieve koolhydraten, goeie proteïnen, slechte combinaties en komen uit op de meest antioxidantste en de superste der foods. Enkele daarvan at je al. Andere daarvan kende je niet, tot hun grote vermaak en medelijden. Nog andere zijn in de wereld geplant als wrede moppen van God die vond dat gezondheid met een prijs moest komen: die van de kokhals. Al zullen ‘experts’ dat nooit toegeven. Te vaak heb ik hen schaamteloos zien vreten van walgelijk voer als:

1. Quinoa

Ik weet nog heel goed wanneer ik voor het eerst (en laatst) quinoa proefde: op een noodlottige dinsdag, voorts gekenmerkt door honger. Quinoa is een rijstachtig zaad uit Zuid-Amerika, waar het had moeten blijven. Deze zaden smaken naar een bitter verloren leven dat nooit enige geneugte of plezier heeft gekend. Terwijl ik de zaadjes maalde tussen mijn kiezen, vergat ik alles wat ooit lekker was. Ik vergat pure boter, frieten met stoofvlees, tikka massala, spaghetti bolognaise, manchego met kappertjes, visschotels met puree, sushi met zalmeitjes, lentesalades, geitenkaas met honing, pizza caprese van Testa Rossi, taboulé, feta, cheddar, broccolisoep, huisgemaakte garnaalkroketten en méér. Zoveel meer.

Et tu, kerstomaat?

Et tu, kerstomaat?

Ik kon enkel nog die verdomde quinoa beleven. De situatie duurde enkele uren. Het was de ergste dag van mijn leven, en ik was ooit in India.

2. Bieten

Lees dit goed – desnoods tweemaal – want ik ga het nog maar enkele keren herhalen: rode bieten smaken naar hetgeen waaruit ze gesleurd werden bij de oogst: aarde. Aarde. En niet de machtige aarde die je terugvindt in whisky, witte truffels of champignons. Neen, dit is de ik-ben-met-open-mond-van-mijn-fiets-gevallen-in-het-bos-tijdens-de-herfst soort aarde. Grond. Met toetsen van wormen en mos, verlaten vogelnesten en dooie kikkers. Zo smaakt een biet.

Het léf om hier rucola bij te betrekken.

Het léf om hier rucola in te betrekken.

Kruiden, garnituren, stomen noch grillen zal dit feit veranderen. Namelijk dat je grond eet. Stop met liegen.

3. Zwarte bonen

De kameleon onder de peulvruchten. Puur smaken deze zwarte parels naar… niets. Naar het pappige niets. Ze smaken nog minder naar iets dan kikkererwten. Je bakt ze in olie en ze smaken naar pappige olie. Je eet ze bij je tortilla en ze smaken naar nog pappigere guacamole. Je doet ze in je slaatje en dat slaatje wordt pappig.

Al ben ik de laatste om hierin te overdrijven.

Ik bespeur een rode draad.

En omdat zwarte bonen meestal bereid worden met afgrijselijke ingrediënten zoals quinoa en bieten, verdienen ze zeker een plaats tussen deze gezonde maar weerzinwekkende spijzen.

4. Peren

Deze belachelijke vruchten kennen maar twee toestanden: melig met brokken of steenhard met buikpijn achteraf. Als je al eens een sappig peertje vindt dat niet uit mekaar valt, kan je best meteen even op de lotto spelen. Ook de vorm van de peer is weinig uitnodigend. Begin je vanboven? Aan het putje van die steel? Of ga je voluit voor de zijlingse beet, waardoor je een scheef en uitgerekt klokkenhuis creëert? Dat je – als je niet meteen een vuilbak vindt – moet balanceren op zijn harige droge anjer?

Netjes geairbrusht in elke foto van een peer ooit.

Netjes gephotoshopt uit elke foto van elke peer ooit.

En dan dat perenvel, dat als laatste tussen je tanden blijft knarsen en in je keel blijft steken. Maar als je de peer pelt, staan je vingerafdrukken in het natte (of droge) vlees geschreven en moet je je handen een kwartier lang wassen. Is dit alles de vitaminen waard? Ik zeg luidop neen, want iemand moet het doen.

Je kan deze vier gruwelijke etenswaren trouwens makkelijk vervangen door de patat. Dat gele goud, die eeuwige rots in de branding, die in geen enkele vorm kan teleurstellen. ‘Experts’ geloven niet in de patat. Koolhydraten, daar zijn ze geen fan van. Zij zijn bijgevolg ook geen fan van het leven.

Hopelijk worden ze morgen niet overreden door een bus, want dan was nu werkelijk alles voor niets!